Techniek in Nederland in de 20 Eeuw (TIN-20)
Deel 3:
Vanaf de jaren negentig van de negentiende eeuw veranderde de
Nederlandse landbouw snel van karakter. Tal van innovaties werden
doorgevoerd en in de meeste sectoren nam de productie in korte tijd snel
toe. De landbouwkundige ontwikkelingen na 1890 stonden in het teken van
een sterk oplevende conjunctuur, die echter verstoord werd door het
uitbreken van de Eerste Wereldoorlog. Tijdens het Interbellum drukten
crisisbeheersing en zorg voor kwaliteitsverbetering een zwaar stempel op
de Nederlandse landbouw. Na de Tweede Wereldoorlog kwam de Nederlandse
landbouw in een volstrekt ander - en vooral Europees - vaarwater terecht.
Het mechanisatieproces kreeg nieuw elan en nam een hoge vlucht.
Verscheidene sectoren van de Nederlandse landbouw ontwikkelden zich tot de
modernste ter wereld met een ongekend hoog productiviteitsniveau. Uit het
oogpunt van arbeidsproductiviteit ontwikkelde de Nederlandse landbouw zich
in korte tijd tot de meest productieve in Europa. De jaren vijftig
brachten niet alleen de apotheose van ontwikkelingen die eind negentiende
eeuw inzetten, ze markeren tegelijkertijd een wezenlijk keerpunt in de
ontwikkeling van de landbouwtechniek in Nederland. Een en ander had echter
ook zijn keerzijde en deze kwam vanaf het midden van de jaren zeventig in
toenemende mate aan het licht, juist op een moment dat de landbouw te
maken kreeg met uiteenlopende problemen van economische aard. Steeds meer
vraagtekens werden geplaatst bij de intensieve productiemethoden, het
beslag op schaarse grondstoffen en ruimte en bij de kwaliteit van de
producten zelf. Moderne productietechnieken hadden dan wel gezorgd voor
een verbetering van de agrarische inkomens, ze gingen gepaard met allerlei
ongewenste neveneffecten.
Redacteur: dr. J. Bieleman
Auteur/onderzoeker: dr. P.R. Priester
Juist voor de aanvang van de twintigste eeuw heerste in Nederland geen
nijpende voedselschaarste meer op grote schaal. Hoewel geen precies begin-
en eindpunt is aan te geven, kan men zeggen dat de modernisering van de
productie en consumptie van het dagelijks voedsel in Nederland na 1850
gestalte begon te krijgen. De moderniseringsprocessen verliepen in
verschillende fasen en kregen in de jaren vijftig van de twintigste eeuw
hun eerste beslag. Dat decennium markeerde een integratie van het menu
waarbij regionale en sociale verschillen op de achtergrond raakten. Vooral
na 1960 verliepen de veranderingen in het modern-industriële
voedselpatroon veel sneller. Nieuwe variaties van luxe en gemak
manifesteerden zich herhaaldelijk, mede doordat de industrie erin slaagde
smaak en kwaliteit te verbeteren en bereidingstijden te bekorten. Trends
als buitenshuis eten, exotisch eten, tussendoortjes en snacks, maar ook
gezondheid en de slanke lijn werden populair. Na de korte periode van
integratie en uniformiteit, brak een nieuwe fase aan van differentiatie.
Beide ontwikkelingen zijn complex en maken deel uit van fundamentele
maatschappelijke veranderingen op lange termijn.
Centraal in het onderzoek staan de wisselwerking tussen de
techniekontwikkeling, de verlenging en verdichting van de
voedingsmiddelenketen en de uitbreiding van het voedselassortiment. Deze
wisselwerking is ingebed in de ruimere economische en sociaal-culturele
veranderingen in de twintigste eeuw.
Redacteur: dr. A.H. van Otterloo
Auteurs/onderzoekers: dr. A.A. Albert de la Bruhèze, drs. M. Aspria,
drs. H. Buiter, drs. G. Bijleveld, C. Dijkema, dr. A.P. den Hartog, dr. A.P.
de Knecht- Van Eekelen, drs. J.J. Moerland, N. Rem, drs. B. Sluijter, ir.
F.C.A. Veraart
Bestellen
(graag aangeven of u zich eventueel voor de gehele serie wilt inschrijven)
|
|
Techniek in Nederland in de 20 Eeuw (TIN-20)
Deel 1: Waterstaat, kantoor en informatietechnologie
Deel 2: Delfstoffenwinning, energie en chemie
Deel 3: Landbouw en voeding
Deel 4: Huishouden en medische techniek
Deel 5: Transport en communicatie
Deel 6: Stad, bouw en industriële productie
Deel 7: Techniek en modernisering, balans ven de 20e
eeuw.

Overzicht uit TIN20 voortgekomen
publicaties
|